Bloed is in principe een steriel vocht. Maar ook bij gezonde personen kunnen er regelmatig kleine hoeveelheden bacteriën in de bloedbaan aanwezig zijn. Deze bacteriën komen in de bloedbaan via penetratie van mucosa of epitheel, en worden snel door het immuunsysteem uit de bloedbaan geklaard.
Een bacteriëmie is de aanwezigheid van bacteriën in het bloed.
Er worden drie vormen van bacteriëmie onderscheiden:
* transiënt, vb. t.g.v. mechanische of chirurgische manipulatie van geïnfecteerd weefsel
* intermittent, vb. t.g.v. ongedraineerde abcessen of gelokaliseerde infecties zoals pneumonieën of urineweginfecties
* continue, vb. t.g.v. intravasculaire infecties (endocarditis, septische thrombophlebitis of mycotisch aneurysma).
Bacteriëmie ontstaat wanneer de vrijzetting van micro-organismen in de bloedstroom groter is dan de klaring door het reticulo-endotheliaal systeem.
Sepsis is een shockerige toestand met hoge koorts, rillingen en eventueel orgaanfalen, veroorzaakt door een pathogene kiem in de bloedbaan. Sepsis is een belangrijke oorzaak van morbiditeit en mortaliteit. Een snelle diagnose en een aangepaste antimicrobiële therapie zijn van groot belang. Bij klinisch vermoeden van sepsis (vb. hoge koorts, hypotensie of een veranderde mentale status) dienen steeds hemoculturen afgenomen te worden.
Bij het prikken van hemoculturen dient steeds voldoende asepsis in acht genomen te worden om te vermijden dat koloniserende kiemen vanop de huid (vb. coagulase-negatieve staphylokokken, Corynebacterium spp., Streptococcus viridans) in de hemocultuur-flesjes terechtkomen en zo de diagnose van de eventuele bacteriëmie of sepsis vertroebelen.
Afhankelijk van de klinische indicatie wordt het aantal flesjes en het interval tussen de afnamen bepaald (cfr. afnameprocedures).