Interpretatie: MPV meet het gemiddelde volume van de bloedplaatjes. Jonge bloedplaatjes zijn groter dan rijpere bloedplaatjes. I.g.v. trombopenie kan een verhoogd MPV dus wijzen op een adequate aanmaak in het beenmerg met productie van jonge bloedplaatjes, en dus op perifeer verbruik/afbraak van bloedplaatjes. Een normaal MPV is dan eerder suggestief voor een productiestoornis in het beenmerg. I.g.v. myeloproliferatieve aandoeningen is de MPV vaak groter dan i.g.v. reactieve trombocytoses, al is de waarde van deze parameter om beide aandoeningen te onderscheiden beperkt. Congenitale macrotrombocytopenieën, zoals het syndroom van Bernard-Soulier, gaan gepaard met een gestegen MPV.
Opgelet: het volume van bloedplaatjes is niet stabiel na afname. Bloedplaatjes zwellen immers op als gevolg van het EDTA in de afnamebuis. Deze volumetoename is tijdsafhankelijk. Het is daarom belangrijk dat de analyse zo snel mogelijk na bloedafname gebeurt, bij voorkeur binnen de 4 uur, en zeker binnen de 12 uur. De MPV wordt uitgedrukt in femtoliter (fL) en de referentiewaarden zijn geslachts- en leeftijdsafhankelijk.