Carcino-Embryonaal Antigeen (CEA) in bloed

Print

Beschrijving van de test

Naam:
Carcino-Embryonaal Antigeen (CEA) in bloed
Intern codenummer:
4463
Frequentie:
dagelijks
Uitvoerend labo:
Campus Rumbeke
Antwoordtijd (TAT):
<24u
Accreditatie:
AZ Delta is geaccrediteerd door BELAC onder certificaatnummer 382-MED.
Verantwoordelijk bioloog:
Dieter De Smet

Afname van het materiaal

Voorkeur materiaal:
serum
Volume:
500 µl
Aanvraagformulier:
Afnameinstructies:
Bijaanvraag/stabiliteit:
7 dagen

Analyse

Analysemethode:
Cobas
Domein:
Scheikunde
Eenheid:
µg/L
Bijkomende informatie:
CEA is een oncofoetaal antigeen dat voornamelijk gesynthetiseerd wordt door de epitheelcellen die de gastro-intestinale tractus van de foetus afboorden. Vermits de productie van CEA na de geboorte wordt onderdrukt, zal het antigeen slechts in uiterst kleine hoeveelheden voorkomen in het serum van de volwassene, maar kan het terug opduiken in grotere concentraties bij bepaalde neoplastische aandoeningen.

verhoogde serumspiegels
- niet cancereuze aandoeningen:
bij een aantal aandoeningen kan men - voor behandeling - een matige verhoging van CEA (zelden > 10 ng/ml) observeren: levercirrose en chronische hepatitis, pancreatitis, colitis, ziekte van Crohn, pneumonie, bronchitis, tuberculose en emfyseem.

-kwaadaardige aandoeningen:
Bij verschillende onbehandelde kankers kan een belangrijke en progressieve stijging van CEA (dikwijls > 10 ng/ml) geobserveerd worden: colon en rectumkanker (50-60%), pancreasmaagkanker (30-40%), borstkanker (25-35%), longkanker (20-30%), ovarium- en baarmoederkanker (15-20%).
Bij levermetastasen wordt het katabolisme van CEA aangestast en in 70% van de gevallen worden verhoogde waarden aangetroffen.
Meest frequent worden abnormale spiegels aangetroffen bij colo-rectale kanker, met een sensitiviteit variërend van 20 tot 87% naargelang het stadium van de aandoening.

Samenvattend kan gesteld worden dat de dosage van CEA geen al te grote sensitiviteit heeft voor een bepaalde soort kanker en dat er tevens geen orgaanspecificiteit is. Zoals voor de meerderheid van de merkers, geldt hier ook dat deze merker niet bruikbaar is voor de fijne diagnose, maar uitsluitend voor de opvolging of de therapeutische monitoring van kankerpatiënten. Deze merker is niet alleen interessant voor de opvolging van gastro-intestinale carcinomen (hoofdzakelijk colo-rectale kankers), maar eveneens voor kankers van de long, de borst, de baarmoeder, de ovaria en de blaas.

Referentiewaarden

Leeftijd Mannen Vrouwen
0-5 µg/L 0-5 µg/L

Tarificatie

Nomenclatuur:
548332 - 548343 B 350 Doseren van C.E.A. met niet-isotopenmethode #(Maximum 1) (Cumulregel 201, 317) (Diagnoseregel 46)
Bron: RIZIV website op 22/03/2026

Laatst gewijzigd op

Ineke Debruyne
15-12-2025