cryoglobulines

Print

Beschrijving van de test

Naam:
cryoglobulines
Intern codenummer:
178 (cryo-IgA, cryo-IgG, cryo-IgM en totaal eiwit)
Frequentie:
inzet op maandag en woensdag, definitieve aflezing na 2 weken incubatie
Uitvoerend labo:
Campus Rumbeke
Antwoordtijd (TAT):
min. 14 dagen, max. 21 dagen
Verantwoordelijk bioloog:
Johan Debrabandere

Afname van het materiaal

Volume:
1 ml
Aandachtspunten:
Haal een serumtube die klaarligt in de broedstoof (37°C) bij de bloedafname of in het labo.
Houd de tube warm dmv een warme gelpak in een verwarmtas/piepschuim box tot het moment van bloedafname.
Na bloedafname wordt de gevulde serumtube onmiddellijk terug gewikkeld in de warme gelpak en in de tas/box en naar het labo gebracht.
Conditionering & verzending:
Alle labo's:
Steeds 5-tal warme serumtubes en gelpaks klaarhouden in de broedstoof.
Plaats gevulde serumtubes na het prikken terug in de broedstoof om 1 à 2 uur te laten stollen. Centrifugeer bij 37°C.
Label 1 buisje met het etiket "CRYO_S", 1 buisje met het etiket "CRYO_CSF" en 1 buisje met het etiket "CRYO_IMFIX".
Pipetteer 1 ml serum in het buisje "CRYO_S", 1 ml serum in het buisje "CRYO_IMFIX", het buisje "CRYO_CSF" blijft leeg.

Sat's:
De 3 buisjes samen met de moedertube meegeven met het eerstvolgend transport naar labo Rumbeke in een zakje met vermelding "cryo" in een isoleertasje met een gekoeld coldpak.

Rumbeke:
De buisjes worden in frigo F1 geplaatst, de moedertube wordt manueel gearchiveerd.
Bijaanvraag/stabiliteit:
niet mogelijk

Analyse

Analysemethode:
Algemeen berekenstation
Domein:
Scheikunde
Bijkomende informatie:
Het woord "cryoglobulines" is de verzamelnaam voor een groep immuunglobulinen of immuunglobuline-complexen, die geprecipiteerd worden bij lage temperatuur (in koelkast) en weer oplossen bij opwarmen tot kamertemperatuur.
Ze worden aangetroffen bij infectieuze (vb. chronische hepatitis B en C), neoplastische en bindweefselaandoeningen. Klinische symptomen die duiden op cryoglobulines zijn het fenomeen van Raynaud, perifere vasculaire insufficiëntie, perifere neuropathie, nierlijden, koude urticaria, en meer zeldzaam koude hemolyse.

Er zijn 3 types cryoglobulines die kunnen onderscheiden worden door immunofixatie van het cryoprecipitaat.
- Bij Type 1 ( 25% van de gevallen) wordt een monoklonaal immuunglobuline gevonden. Het komt voor bij het multipel myeloom, B-cel lymfomen en macroglobulinemie.
- Type 2 ( 25% van de gevallen) is een gemengd cryoglobuline bestaande uit een monoklonale reumafactor (meestal IgM) en polyklonaal IgG (het antigeen in het immuuncomplex).
- Type 3 ( 50% van de gevallen) is ook een gemengd cryoglobuline waarbij de reumafactor bestaat uit polyklonaal IgM dat met polyklonaal IgG reageert.

Tarificatie

Nomenclatuur:
540374 - 540385 B 60 Opsporen van cryoglobulinen #(Maximum 1)
Bron: RIZIV website op 22/03/2026

Laatst gewijzigd op

Stephanie Depreitere
09-03-2026