EBV Nucleair Antigen IgG

Print

Beschrijving van de test

Naam:
EBV Nucleair Antigen IgG
Synoniemen:
EBV EBNA IgG, Epstein Barr Nucleair Antigen
Frequentie:
maandag t/m zondag
Uitvoerend labo:
Campus Torhout
Antwoordtijd (TAT):
< 3 werkdagen
Verantwoordelijk bioloog:
Inge De Cuyper

Afname van het materiaal

Voorkeur materiaal:
Serum
Volume:
500 µL
Aanvraagformulier:
Afnameinstructies:
Bijaanvraag/stabiliteit:
5 dagen

Analyse

Analysemethode:
Vidas Torhout
Domein:
Scheikunde
Bijkomende informatie:
Het EBV is de voornaamste veroorzaker van infectious mononucleosis (IM). De symptomen van IM zijn koorts, lymfeklierzwelling, keelpijn, hoofdpijn en misselijkheid. Bij kinderen verloopt een primaire EBV infectie meestal zonder symptomen. Wanneer er zich een primaire infectie van EBV voordoet bij volwassenen of jong volwassenen, zullen tot 50% van de patiënten symptomen vertonen. Gedurende een acute primaire EBV infectie verschijnen antistoffen tegen VCA, daarna tegen het EA en tenslotte tegen het membraan antigeen. Antistoffen tegen nucleaire antigenen (EBNA) komen zelden voor in de acute fase, maar gaan geleidelijk aan stijgen en blijven voor de rest van het leven.
Bij aanvang van de symptomen bij patiënten met een primaire EBV infectie worden zowel de IgG en IgM antistoffen gedetecteerd. VCA IgM antistoffen verschijnen eerst. Ze zijn detecteerbaar vanaf 2 tot 4 weken na het begin van de primaire infectie en verdwijnen binnen de 2 tot 3 maanden. De VCA IgG antistoffen blijven stijgen, nemen daarna af en blijven in kleine hoeveelheid voor de rest van het leven aanwezig.
In de nieuwe methode van EBV diagnostiek op de Liaison XL worden EBV IgM en EBV VCA IgG in 1ste lijn bepaald. De EBV EBNA IgG kan in 2de lijn als aanvullende diagnostiek worden uitgevoerd om een betere discriminatie te bekomen tussen de verschillende fasen van EBV infectie.

Tarificatie

Nomenclatuur:
551530 - 551541 B 250 Opsporen van IgG antilichamen tegen Epstein-Barr virus #(Maximum 1) (Cumulregel 328)
Bron: RIZIV website op 22/03/2026
551655 - 551666 B 250 Bepaling van antistoffen tegen virussen, andere dan die waarvoor een specifiek nomenclatuurnummer voorzien is, per test #(Maximum 8)(Cumulregel 328)
Bron: RIZIV website op 22/03/2026

Tarificatie buiten nomenclatuur

Laatst gewijzigd op

Kyra Mommerency
02-03-2026