Plasmaproteïnen worden voornamelijk gesynthetiseerd in de lever, plasmacellen, lymfeknopen, milt en in het beenmerg. Bij ziekte kan de totale proteïneconcentratie en de percentage van de individuele fracties significant verschillen van normale waarden. Hypoproteïnemie kan worden veroorzaakt door ziekten en stoornissen zoals bloedverlies, spruw, nefrotisch syndroom, ernstige brandwonden, zout retentie syndroom en Kwashiorkor (proteïnedeficientie)
Hyperproteïnemie kan worden gezien bij ernstige dehydratatie en ziekten zoals multiple myeloom. Veranderingen in de relatieve percentages van plasmaproteïnen kan worden veroorzaakt door de verandering in percentage van één plasmaproteïnefractie. Het is dikwijls zo dat in zulke gevallen de hoeveelheid totaal proteïne niet is veranderd. De A/G ratio wordt gebruikt als index van de distributie van albumine en globulinefracties. Veranderingen in die ratio wordt gezien bij levercirrose, glomerulonefritis, nefrotisch syndroom, acute hepatitis, lupus erythematosus en soms bij acute en chronische inflammatie.
De bepaling van totaal eiwit wordt gebruikt in de diagnose en behandeling van een waaier aan ziekten met betrekking tot de lever, de nier en beenmerg en in andere metabole en nutritionele stoornissen.
Referentiewaarden
Leeftijd
Mannen
Vrouwen
≤ week
44.0-76.0 g/L
44.0-76.0 g/L
51.0-73.0 g/L
51.0-73.0 g/L
1 jaar-3 jaar
56.0-75.0 g/L
56.0-75.0 g/L
3 jaar-18 jaar
60.0-80.0 g/L
60.0-80.0 g/L
> 18 jaar
64.0-83.0 g/L
64.0-83.0 g/L
Tarificatie
Nomenclatuur:
540956 - 540960 B 50 Doseren van totale proteïnen #(Maximum 1) Bron: RIZIV website op 22/03/2026