Reumafactor is een auto-antistof gericht tegen het Fc-gedeelte van IgG. Reumafactor van de IgM klasse komt het meeste voor (IgA en IgG-reumafactor komen minder frequent voor). De frequentie van voorkomen van reumafactor in een normale populatie stijgt met de leeftijd.
Reumafactor komt voor bij de meerderheid van de volwassen patiënten met reumatoïde artritis (RA). Kinderen met juveniele chronische artritis zijn meestal negatief voor reumafactor, behalve een kleine subgroep met polyarticulaire aantasting. Reumafactor-positiviteit betekent een slechtere prognose wat de radiologische progressie betreft bij vroege RA. Uitgesproken seropositiviteit bij RA gaat gepaard met verhoogde incidentie van extra-articulaire (systemische) verschijnselen.
Verhoogde waarden (meestal in lage titer) worden ook gevonden bij:
-gemengde cryoglobulinemie,
-syndroom van Sjörgen (75-90%), MCTD (mixed connective tissue disease), SLE (systemische lupus erythematosus) (20-30%), scleroderma (20-30%), polymyositis (5-10%),
-andere chronische inflammatoire aandoeningen (sarcoïdose, chronische auto-immuun hepatitis), primaire biliaire cirrose,
-neoplastische aandoeningen,
-chronische infectieuze aandoeningen (subacute bacteriële endocarditis, malaria, syfilis, tuberculose, chronische parasitaire aandoeningen, acute virale infecties),
-lymfoproliferatieve ziekten met monoklonale reumafactor synthese
Referentiewaarden
Leeftijd
Mannen
Vrouwen
0.0-14.0 U/ml
0.0-14.0 U/ml
Tarificatie
Nomenclatuur:
556113 - 556124 B 100 Kwantitatieve bepaling van reumafacto (Maximum.1) Bron: RIZIV website op 22/03/2026