Fibrinogeen (FI) heeft een halfwaardetijd van 36 – 136u. Het wordt omgezet tot fibrinemonomeren door thrombine (FIIa).
Fibrinogeen is een gevoelig acute-fase eiwit: reeds binnen de 24 uur na een ontsteking of weefselnecrose is een verhoging van de fibrinogeenconcentratie aantoonbaar. Het is het belangrijkste plasma eiwit dat de sedimentatiesnelheid beïnvloedt. Verhoogde concentraties komen ook voor na toediening van oestrogenen, bij zwangerschap en bij maligniteiten. Hoge fibrinogeenconcentraties zijn een belangrijke risicofactor voor zowel coronaire, arteriële als cerebrovasculaire ziekten.
Verlaagde concentraties komen voor bij leveraandoeningen (gedaalde synthese), DIC, veralgemeende fibrinolyse en trombolytische therapie (rT-PA). Ook anabole steroïden, androgenen, asparaginase en valproïnezuur verlagen de fibrinogeen concentratie. Congenitale vormen van fibrinogeendeficiëntie zijn zeldzaam.
Referentiewaarden
Leeftijd
Mannen
Vrouwen
180-400 mg/dL
180-400 mg/dL
Tarificatie
Nomenclatuur:
554610 - 554621 B 80 Doseren van fibrinogeen #(Maximum 1) (Cumulregel 101) (Diagnoseregel 95) Bron: RIZIV website op 22/03/2026